De toch-niet-zo-heel-erg-onverdeelde zegeningen van de zogenaamde vrije wereldmarkt
De globalisering van het kapitalisme kan ons in Nederland misschien niet zo veel schelen, maar in de meeste landen van de wereld die aan de terreur en de uitverkoop en de “hervorming” door o.a. de IMF zijn blootgesteld is het een ramp. Reëel besteedbaar inkomen gaat achteruit, grondstoffen worden geplunderd door de transnationale ondernemingen, markten door dumping ontwricht, essentiële voorzieningen geprivatiseerd, en meestal kampt het “geholpen” land dan met een onaflosbare staatsschuld, zodat het de facto in slavernij vervalt aan de banken. De door Washington aangestelde compradors worden rijkelijk beloond. En de burgers betalen de prijs.
Hoe zou het toch komen dat de journalisten van de officiële, goedgekeurde pers over het algemeen een gelukzalig gevoel lijken te hebben bij het gebruiken van de term “vrije markt”? Hoe vrij is die markt, en wie profiteert van die vrijheid? En wie gaat eraan ten gronde?
Weer een paar van die vragen die je beter niet stelt. Stel je voor dat je hele globalistische ideologie aan nadere inspectie wordt onderworpen.
